Edinburgh met de bus

We horen verschillende uitspraken van Edinburgh: EddinbRRaa, Eddinburrah, Eddinbrah – maar in ieder geval nóóit Eddinburch.

Edinburgh dus, ons volgende reisdoel. Met bijna een half miljoen inwoners en een middeleeuws centrum gaan we niet eens probéren een parkeerplaats te zoeken, dat zouden we in (het kleinere) Utrecht ook niet doen. We checken tegen twaalven in bij Mortonhall Caravan and Camping Park en kunnen de camper al installeren. Er is ook een noodparkeerplaats met elektrische aansluitingen – daar kunnen we misschien morgen gebruik van maken.

We laten ons bij de receptie uitleggen hoe we met het OV naar het stadscentrum kunnen komen. We hadden ergens gelezen dat je in de Lothian bus gepast met muntgeld moet betalen (de chauffeur heeft geen wisselgeld), maar gelukkig kun je sinds kort ook ‘tappen’ met je creditcard of pinpas. Als er maar een chip voor contactloos betalen inzit en je per persoon een aparte pas gebruikt. Je betaalt dan maximaal 4 pond per dag.

Vanaf de camping is het over de toegangsweg ongeveer 8 minuten lopen naar de bushalte van lijn 11, een mooie wandeling:

Bovenin de dubbeldekker zijn de bankjes voorin vrij en we hebben onze eerste sightseeing al te pakken.

We stappen uit in Princess Street, waar we samen met locals en toeristen langs dure winkels schuimen. Om een hapje te eten kun je het best een van de zijstraten ingaan, daar zijn betaalbare eetgelegenheden. Wij kiezen voor de lunch een Pret, een Pret A Manger, lekker, vers en goedkoop. (Pret is, anders dan de naam doet vermoeden, een van oorsprong Engels bedrijf. Pret A Manger is een knipoog naar prêt à porter, couture-mode die klaar om te dragen is.)

Om een snel overzicht van de stad te krijgen gaan we mee met een hop-on-hop-off bustour met Edinburgh Bustours. Er zijn vier verschillende routes en we willen er deze middag twee doen, maar dat lukt niet omdat het centrum van de stad op zijn kop staat vanwege filmopnames voor ‘Fast and Furious 9’, waardoor de eerste rondrit langer duurt dan gepland. (Vin Diesel gezien? Nee! Jammer!)

De tour, die normaal gesproken 75 minuten duurt, voert ons langs allerlei bezienswaardigheden terwijl een gids honderduit vertelt. “Edinburgh”, zegt ze “is gebouwd op zeven heuvels van vulkanische oorsprong.” We rijden omhoog en omlaag en hebben vanaf de open bus prachtig uitzicht. Als we door Regent Road rijden, wijst de gids omhoog naar een beboste heuvel waar hier en daar gebouwen door het groen schemeren. “Dat zijn heel heel dure huizen”, zegt ze. De bewoners zijn nogal gesteld op hun privacy, vandaar die hoge bomen. En toen Sean Connery er een appartement wilde kopen, hebben alle toekomstige buren daartegen geageerd. “Ze wilden geen filmster in hun midden, ze waren bang voor paparazzi.” Arme Sean, hij doet veel voor Schotland en dan krijg je dat.

Edinburgh is van oudsher vooral actief in de financiële en dienstensector, vertelt de gids. Omdat er weinig industrie is, vonden de Duitsers het in WOII nauwelijks de moeite om de stad te bombarderen, waardoor Edinburgh tamelijk ongeschonden uit de oorlog is gekomen.

Ook al hadden we van tevoren het idee dat het een beetje mal is om zo’n tour te maken – zit je niet voor gek? – maakt het ons na een paar minuten al niet meer uit. Wat is dit een praktische en comfortabele manier om een stad te verkennen! En je kunt onbeschaamd foto’s maken, ook van mannen in kilts. Want het is echt waar, Schotten dragen kilts, ook in het dagelijks leven.

De stad is minder geaccidenteerd dan je zou denken, en dat komt doordat de Edinburghers de lage delen van de stad op veel plekken hebben volgebouwd met kelders. En bovenop die kelders kwamen dan weer gebouwen en straten, die soms ‘brug’ heten, en dan weet je dat er een hele wereld onder schuilgaat. Want die kelders werden niet alleen als opslagruimte gebruikt; mensen woonden en werkten er.

Er worden door verschillende aanbieders allerlei soorten rondleidingen georganiseerd door de kelders (closes): serieuze, sappige en zelfs spookachtige tot en met horror. We hebben niet gereserveerd (moet je dus altijd doen, weten we nu) en de enige tour waarbij we kunnen aansluiten is een sappige, in het Frans. Tourgide Fred (eigelijk Fréderique, maar dat past niet op haar naambadge, grapt ze) begint te vertellen over het martelen van misdadigers. Ze pikt twee stoere mannen uit de groep en sleept ze zover mee in haar verhaal dat ze zich zelfs laten slaan met een zweep. Het ziet er best pijnlijk uit, en je ziet ze schrikken bij elke klap, terwijl iedereen een beetje huiverend staat te lachen. Gelukkig snijdt Fred hun monden niet tot de oren open, om vervolgens hun tong eruit te trekken – iets wat blijkbaar gedaan werd met mensen die de boel met mooie praatjes hadden opgelicht.

We besluiten niet in de stad te eten, we zijn moe en willen niet nog een drie kwartier moeten reizen na een restaurantbezoek. Maar dat is geen probleem, want tegen de camping aan is de drukke ‘Stable Bar‘ gevestigd waar lokale bieren en uitstekend vers zelfgemaakt (geen prefab) eten wordt geserveerd.

Na een verrukkelijk en gezellig maal lopen we in drie minuten naar de camper.

Vandaag gereden: 64 km

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *